Herstel en revalidatie van multiple sclerose: een kwestie van teamwerk en dagelijkse discipline.
Doordat multiple sclerose de myelinestructuren, de hersenen en het ruggenmerg aantast, kan deze ziekte de werking ontregelen van alle functies die worden gestuurd door het centrale zenuwstelsel.
De klinische patronen van deze aandoening kunnen dan ook enorm uiteenlopen, met gebreken die soms heel beperkt en soms heel compleet kunnen zijn.
Bovendien kan de evolutie van de ziekte van persoon tot persoon sterk variëren. Sommigen kennen vormen met opflakkeringen die worden gevolgd door een vrijwel volledig herstel, terwijl bij anderen de vastgestelde gebreken langzaam verergeren. Nog anderen vertonen vormen die tussen deze 2 uitersten liggen.
MS kan dus een groot aantal functionele gebreken meebrengen, die er samen toe kunnen leiden dat de patiënt erg afhankelijk wordt. De sector van de revalidatie probeert op dat vlak zo efficiënt mogelijk te helpen.
Verschillende behandelingen
Eerst moet een onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds behandelingen die gericht zijn op herstel, met de bedoeling de verloren functie gedeeltelijk of volledig terug te krijgen, en anderzijds behandelingen die worden bestempeld als revalidatie, omdat ze de patiënt in staat willen stellen om autonoom een bepaalde handeling te blijven verrichten, eventueel met technische hulpmiddelen die daartoe bijdragen, zonder noodzakelijkerwijs de basisfunctie te herstellen. Het meest klassieke voorbeeld is het zich verplaatsen, wat men eerst doet door te stappen. Als dat echter niet meer gaat, kan het eventueel op een andere manier, door gebruik te maken van een rolstoel.
Verschillende disciplines kunnen een bijdrage leveren tot het herstel en de revalidatie:
• het gaat vooral om kinesitherapie, ergotherapie, logopedie en neuropsychologie.
• makers van zwachtels en orthopedische technici leveren technische hulpmiddelen.
• psychologen kunnen eveneens kostbare steun verlenen.
• daarbij komt nog een « discipline » die al te vaak vergeten wordt: die van de patiënt die, ingelicht, gemotiveerd en geholpen door zijn begeleiders die de rol van coach spelen, thuis zelf aan zijn herstel moet werken (via evenwichts- of stapoefeningen, ademhalingsoefeningen, handenarbeid, ...) om verder zijn voordeel te doen met de gemedicaliseerde begeleiding.
Deze verschillende revalidatieteams werken gewoonlijk onder de leiding van een specialist lichamelijke geneeskunde en revalidatie, of van een neuroloog die bijzonder onderlegd is in revalidatie.
Alvorens met een revalidatieprogramma te starten, worden de klinische problemen en de functionele balans van de te behandelen persoon helemaal doorgelicht. Deze fase omvat verschillende tests in elke discipline. Hiermee kan men zich een precies beeld vormen van de waargenomen problemen en een specifieke behandeling voorstellen voor de gebreken van iedere patiënt en de evolutie van zijn problemen. Het revalidatieplan zal worden afgestemd op de resultaten van deze tests, door bijzondere aandacht te schenken aan de verwachtingen en de prioriteiten die de patiënt voor zichzelf stelt. Daarna kan hiermee ook de doeltreffendheid van een behandeling met medicijnen of van een herstelprogramma, of de impact van de voortgang van de ziekte worden ingeschat.
Vlot communiceren
Wanneer de doelstellingen van de revalidatie en de in te zetten middelen vastliggen, moet het programma in de praktijk worden gebracht. Dat zal altijd efficiënter en aangenamer zijn als de patiënt en het verzorgingsteam vlot met elkaar communiceren. Men moet namelijk de aard en de intensiteit van de sessies trachten af te stemmen op de conditie van elke dag.
Natuurlijk is het vooral de patiënt die zijn voordeel moet doen met de behandeling. Om doeltreffend te zijn, is het belangrijk dat men de voorgestelde technieken en het belang ervan goed begrijpt. Een essentiële voorwaarde is ook dat de revalidatie wordt voortgezet in het gewone leven. Als men slechts 30 minuten per week een bepaald doel nastreeft, mag men niet verwachten dat de revalidatie een grote impact zal hebben. Wij beschouwen de begeleiding van de revalidatie dan ook als een werksessie die moet doorlopen in het gewone leven van de patiënt. Hij moet verder autonoom aan zijn herstel blijven werken, misschien minder volledig, maar wel op een manier die hem in staat stelt om zo goed mogelijk te blijven functioneren.
Dokter B. MAERTENS
Hoofd van de dienst Médecine Physique et Réadaptation,
CNRF van FRAITURE

November 2011: download de laatste Nieuwsbrief pdf (659KB)