Het woord van de Voorzitter : De nieuwe golf van behandelingen
De vooruitgang in het fundamenteel onderzoek en de resultaten van de vele klinische studies met nieuwe geneesmiddelen doen vermoeden dat er een nieuwe wind waait in de behandeling van MS.
Het onderzoek naar MS dat in laboratoria op diverse dierenmodellen of op weefselculturen gebeurt, geniet weinig bekendheid bij het publiek, maar heeft tot enkele spectaculaire doorbraken geleid. Ultramoderne microscooptechnieken tonen in real time de verplaatsingen van de immuuncellen en hun wisselwerking binnen het zenuwweefsel, alsook hun beweging naar de hersenen vanuit de bloedvaten. In combinatie met steeds efficiëntere technieken die een precies beeld geven van de biochemische afwijkingen die aan de ziekte verbonden zijn, krijgen we hierdoor een beter inzicht in de mechanismen die aan de basis liggen van de ontwikkeling van MS. En een betere kennis van deze mechanismen is onontbeerlijk om nieuwe behandelingen te ontwikkelen.
Het zou dus geen verbazing wekken als over twee of drie jaar ten minste vijf nieuwe geneesmiddelen officieel erkend worden, waardoor het aantal beschikbare behandelingen in één klap zou verdubbelen. De goedkeuring van de huidige behandelingen heeft zo'n vijftien jaar in beslag genomen, waardoor hun respectieve indicaties en hun tolerantie gekend zijn. De gegevens waarover wij voor de nieuwe golf van behandelingen zullen beschikken, zullen op een veel kortere periode betrekking hebben en dus minder informatief zijn. Ze zullen neurologen voor problemen stellen bij de keuze van de behandeling en het bepalen van de risico/winst-verhouding voor de patiënten.
Het wordt steeds duidelijker dat de behandelingen individueel zullen worden afgestemd op de klinische vorm waaraan de patiënten lijden, omdat die voortvloeit uit ziektemechanismen die van de ene patiënt tot de andere verschillen. Nieuwe technologieën (proteomic, genomic, transcriptomic) richten de schijnwerper op het profiel van de proteïnen, de genen en andere biologische mechanismen die bij een bepaalde patiënt ontregeld zijn. Ze tonen ook het effect van de behandelingen op deze diverse mechanismen.
We mogen dus hopen dat deze nieuwe technologieën over enkele jaren de arts in staat zullen stellen om de behandeling aan te passen aan de klinische en biologische vorm van MS.
Dr Richard E. Gonsette
Voorzitter

Mei 2010 : download de laatste Nieuwsbrief pdf (2889KB)