Behandelingen echt tot in de hersenen brengen - Wetenschappelijk interview - Prof. Anne Des Rieux

Inleiding

Anne Des Rieux is professor in de nanogeneeskunde en gespecialiseerd in drug delivery. Haar werk wil een centrale uitdaging bij multiple sclerose oplossen: veelbelovende moleculen efficiënt tot in het centrale zenuwstelsel brengen.

Wat bracht u ertoe om rond multiple sclerose te werken?

Er zijn twee dimensies. Eerst een wetenschappelijke: tijdens een verblijf in Edinburgh wilde ik mijn kennis in de neurobiologie verdiepen. Door samen te werken met een specialiste besefte ik dat er weinig oplossingen bestonden voor drug delivery bij multiple sclerose.

En daarnaast is er een persoonlijke kant. Iemand uit mijn naaste familie had de ziekte. Dat voedde een reflectie en gaf nog meer betekenis aan dit engagement.

Hoe blijft u gemotiveerd in zo'n veeleisend domein?

De motivatie steunt niet op één factor. Er is de intellectuele uitdaging, de opleiding van jonge mensen, en vooral de wil om, hoe bescheiden ook, de zaken vooruit te helpen.

Ik doe geen puur fundamenteel onderzoek: ik moet de patiënt voor ogen houden. Ook al zijn we er nog ver van, hij blijft altijd het referentiepunt.

Waaruit bestaat uw onderzoek concreet?

Veel moleculen hebben een therapeutisch potentieel, maar kunnen niet als dusdanig gebruikt worden: ze zijn niet stabiel, passeren bepaalde barrières niet of bereiken de hersenen niet.

Onze rol is systemen te ontwikkelen om ze efficiënt te vervoeren.

Het lijkt een beetje op de galenische farmacie: een molecule kan werkzaam zijn, maar onbruikbaar zonder een aangepaste vorm. Wij passen dat principe toe op meer geavanceerde technologieën, zoals nanodeeltjes.

Kunt u een van uw onderzoeken eenvoudig uitleggen?

We werkten aan een molecule die de ontsteking in de hersenen kon verminderen, maar die er niet alleen kon geraken.

We gebruikten daarom nanodeeltjes (kleine pakjes) om ze te vervoeren en te beschermen.

Het idee is die molecule op de juiste plaats te brengen om de ontsteking te kalmeren en de schade aan de zenuwcellen te beperken.

Welke rol speelt de Charcot Stichting in uw onderzoek?

De eerste financiering die ik in 2016 kreeg, was doorslaggevend. Ze liet me toe rond dit thema te starten en eerste resultaten te behalen.

Dit soort steun is bepalend om projecten op te starten en daarna toegang te krijgen tot andere financieringen.

De kracht van de Charcot Stichting is ook haar duidelijkheid: je begrijpt meteen waarvoor het geld dient, en je ziet de effecten ervan.

Heeft u een opvallende anekdote uit dit parcours?

Ja. Toen ik mijn eerste financiering kreeg, kwam ik terug uit Edinburgh en kreeg ik een sepsis. Ik lag een week op intensieve zorg en een maand in het ziekenhuis.

Ik heb erop aangedrongen om op tijd te mogen vertrekken voor de ceremonie. Ik ben de dag ervoor ontslagen en heb ze de dag nadien bijgewoond, ook al was ik niet in grote vorm.

Dat was belangrijk voor mij. Het schiep een bijzondere band met de Stichting.

Wat zou u aan de schenkers zeggen?

Hun steun heeft een directe en concrete impact. Ze maakt het mogelijk precieze projecten te financieren, met zichtbare resultaten.

Het is een ziekte die nog relatief weinig gefinancierd wordt, maar die jonge en actieve mensen treft. Elke bijdrage kan het onderzoek echt vooruithelpen.

Terug naar het nieuws